'Baarlo gaf Tajiri een thuis'

Met de komst van zes nieuwe kunstwerken in juni ter afsluiting van het symposium Baarlo Steengoed!, wil Baarlo zich in haar 800e levensjaar profileren als een kunstdorp. Het dorp was dat al jaren, vooral dankzij één kunstenaar die nog altijd onlosmakelijk verbonden is met Baarlo: de in 2009 overleden Shinkichi Tajiri. Zijn kunst is nog springlevend.

Het moet voor Baarlonaren wel wennen zijn geweest in de jaren 90, denkt Giotta Tajiri (62), Shinkichi Tajiri’s oudste dochter. Zeven enorme kunstwerken van gietijzer, gemaakt door de lokale ijzergieterij, die op prominente plekken in het dorp werden geplaatst. “Terwijl je het nu niet meer weg kunt denken”, vertelt ze. “Het zegt ook een hoop dat veel Baarlonaren ontzettend graag de knoop op de dijk bij de Vergelt terug, willen die twee jaar geleden werd beschadigd. Daar zijn we overigens nog mee bezig.” De knopen zijn echt een ding van het dorp geworden, vertelt Giotta. “Dat is geweldig om te merken. De Knopenlopen-tocht, mensen die speciaal naar Baarlo komen voor de beeldenroute, het sieraad dat is gemaakt ter gelegenheid van het 800-jarig jubileum; Baarlo en Tajiri zijn met elkaar verbonden. Ontzettend mooi, want het laat zien dat hij hier is ingebed.”

Enige plek met serie beelden

Giotta woont met haar gezin op Kasteel Scheres, waar ze opgroeide, en is momenteel samen met haar zus Ryu (60) verantwoordelijk voor het kunstoeuvre en de nalatenschap van hun vader en moeder Ferdi. Ook al is zijn complete oeuvre vele malen groter, het zijn juist de knopen waar de kunstenaar bekend door is geworden bij het grote publiek. “Er is maar één plek op de wereld waar deze serie beelden van onze vader te zien is en dat is Baarlo”, vertelt Giotta. “Dat maakt het ook zo bijzonder. Hij maakte ontzettend veel verschillende knopen, het werd echt een van zijn handelsmerken, maar nergens anders zijn deze werken zo bij elkaar te zien.”

Shinkichi Tajiri werd in 1923 geboren in Los Angeles als vijfde kind in een Japans emigrantengezin met zeven kinderen. De familie verhuisde in 1936 naar San Diego, waar vader Ryukichi drie jaar later overleed. Giotta: “Mijn vader was op jonge leeftijd al graag creatief bezig en wilde graag het kunstenaarsvak leren.” Het gezin had echter weinig te besteden. Beeldhouwer Donal Hord (1902) wilde Tajiri wel de eerste kneepjes bijbrengen als Shinkichi het onkruid in zijn cactustuin zou wieden. “Maandenlang werkte mijn vader aan het modelleren van skeletten in klei om het zo realistisch mogelijk te maken. Net toen hij het onder de knie kreeg, brak de Tweede Wereldoorlog uit.”

Tijdens en net na de oorlog maakte Tajiri diverse pastels, tekeningen en schetsen. In 1947 studeerde hij een jaar aan een kunstacademie in Chicago en in 1948 vertrok hij naar ‘kunstenaarsmekka’ Parijs, waar hij zich als kunstenaar ontwikkelde en zijn carrière van start ging. Giotta: “Hij maakte beelden uit schrootijzer, werkte aan een film, exposeerde in galerijen, werkte als behangontwerper in Duitsland en won er een ontwerpwedstrijd en gaf les op een kunstacademie.” Halverwege de jaren 50 verhuisde Shinkichi met zijn vrouw Ferdi naar Amsterdam nadat de directeur van het Stedelijk Museum een aantal werken van hem had gekocht. In hun zoektocht naar een groter huis met meer ruimte voor het maken van kunst van hemzelf en zijn vrouw, kwam het gezin met twee kinderen in 1962 op Kasteel Scheres in Baarlo terecht. “Daar konden ze dag en nacht bezig zijn met hun werk, zonder dat eventuele buren daar last van hadden”, vertelt Giotta.

Baarlo internationaal kunsttrefpunt

“Baarlo werd daardoor een waar trefpunt voor nationale en internationale kunstenaars.” Tajiri hield zich door de jaren heen bezig met beeldhouwen in brons, staal, gietijzer, steen, hout, kunststof en papier, bouwde futuristische machines, was bezig met fotografie en film en pikte eind jaren 80 nog wat van het computertijdperk mee en maakte digitale kunst op een Commodore Amiga. Zowel Shinkichi als zijn vrouw Ferdi zijn inmiddels opgenomen in de collectie beeldhouwkunst uit de 20e eeuw van het Rijksmuseum in Amsterdam.

Van de 60 jaar die hij in zijn leven aan het werk was als kunstenaar, bracht hij er 47 in Baarlo door. Het grootste deel van zijn oeuvre ontstond in het dorp dat dit jaar haar 800-jarig bestaan viert. In 2009 overleed Tajiri op 85-jarige leeftijd thuis, op Kasteel Scheres. “Hij liet zich al die jaren misschien niet zoveel in het dorp zien, maar je voelt dat het dorp hem en zijn kunstwerken omarmd heeft”, vertelt Giotta. “Baarlo was het langste zijn thuis en ook de plek waar hij zich het meest op zijn gemak en welkom voelde. De beeldenroute die tussen 1992 en 1997 in het dorp is geplaatst, was zijn manier om het dorp daarvoor te bedanken en iets terug te doen.”