'Het geurrapport is niet deugdelijk'

In opdracht van de bezwarencommissie van gemeente Peel en Maas heeft onderzoeksbureau Tauw een geuronderzoek uitgevoerd naar de geurbelasting in de omgeving van de toekomstige biomassaketel op Molenheg 10 te Egchel. Werkgroep Leefbaar Peel en Maas is niet te spreken over de onlangs verschenen resultaten van het geuronderzoek.

Het onderzoek is op verzoek van de bezwarencommissie uitgevoerd omdat zij meer informatie nodig heeft om te kunnen vaststellen of individuele leden van de Werkgroep Leefbaar Peel en Maas als belanghebbenden kunnen worden aangemerkt. "Daarvoor is er meer inzicht nodig in de gevolgen die deze natuurlijke personen kunnen ondervinden als de biomassacentrale maximaal in bedrijf is. Het gaat de commissie in eerste aanleg om geur", laat een woordvoerder van gemeente weten.

Vergelijkbare situatie

In de verleende omgevingsvergunning is een schoorsteenhoogte van 12 meter opgenomen. De ondernemer wil graag een schoorsteen van 20 meter hoogte plaatsen. Omdat de biomassaketel nog niet in bedrijf is, heeft het onderzoeksbureau Tauw met behulp van een geuronderzoek van juni 2008 van Groen Recycling Twente in Goor berekeningen uitgevoerd. Het bedrijf in Goor wordt gezien als een vergelijkbare situatie met de beoogde biomassacentrale in Egchel. Op basis van de resultaten concludeert Tauw dat de milieukwaliteit zeer goed is en dat er minder dan 5 procent geurgehinderden zijn.

Giftige stoffen

Volgens Poppe Wijnsma van Werkgroep Leefbaar Peel en Maas klopt de vergelijking met het bedrijf in Goor niet. "Op welk wetenschappelijk model is het rapport gebaseerd? We voelen ons voor de gek gehouden. Men baseert zich op een onderzoek van 2008 uit Twente. Die installatie komt technisch niet overeen met de installatie in Egchel. Men heeft geen toetsing gedaan en niet aangegeven op basis waarvan de twee installaties vergelijkbaar zijn. Een installatie uit 2008 is niet vergelijkbaar met een installatie uit 2019. Daarnaast gaat het ons niet alleen om geur maar ook over giftige stoffen, dioxinen en furanen en ultrafijn stof. We moeten afwachten hoe het advies van de bezwarencommissie richting het college gaat uitvallen, maar het is niet deugdelijk om het een en ander op dit rapport te baseren", aldus Wijnsma.

Het onderzoeksrapport is nu aan de commissie gezonden en zij brengen hun advies uit naar het college. Als het advies van de commissie binnen is wordt alles in samenhang bekeken en neemt het college een besluit op het bezwaar.

Tekst: Jeanine Hendriks